|
Een
van de grondbeginselen achter de Scaravelli benadering van yoga beoefening
is om een vorm van vriendelijkheid en zachtheid toe te passen. Dit zorgt
ervoor dat mensen hun lichaam kunnen accepteren en met het lichaam kunnen
samenwerken om zo spanningen op te lossen.
Kapalabhati
Kapalabhati kan worden vertaald als ‘glimmende schedel’ en
dat geeft aan hoe je je erdoor kan gaan voelen. Kapalabhati is een oefening
die is verbonden met de ademhaling, maar toch geen volledige pranayama;
het is een van de zes belangrijkste karmans (reinigingsoefeningen) die
regelmatig kan worden beoefend. Zoals met alle yoga oefeningen is de basis
van deze oefening vrij simpel, maar ligt de uitdaging juist in het vinden
van verdieping en verdere ontwikkeling in de oefening. Ik wil je daarom
vragen om dit stukje te lezen en dan langzaam te beginnen met oefenen
en tijdens het oefenen het allemaal nog eens door te lezen.
Om te beginnen:
Voor degene die nog onbekend is met kapalabhati is dit de meest simpele
uitleg; trek de buikspieren rytmisch aan in korte stotende bewegingen,
waarbij je longen leegt drukt en bij het loslaten van de spieren komt
er weer lucht naar binnen. Het is als puffen, maar dan door de buik stevig
en kort aan te trekken. Probeer zo laag mogelijk in de buik te beginnen,
rond het pelvisgebied, waarbij je probeert je ribben en borstkast stil
te houden.Sommige mensen zullen hier in het begin wat moeite mee hebben
omdat zij instinctief inademen bij het aantrekken van de spieren in het
pelvisgebied. Indien dit ook bij jou het geval is kan je het volgende
eens proberen; span de spieren in het pelvisgebied aan alsof u naar de
toilet moet, maar het ophoudt en kuch nu lichtjes. Voelt u hoe de rest
van de buik naar achteren wordt getrokken en de lucht ineens het lichaam
verlaat? … Na de kuch ontspannen de spieren zich vanzelf waardoor
er weer lucht naar binnen komt. Probeer het nu ritmisch te doen waarbij
je 1 seconde voor de inademing- en 1 sec voor het loslaten en inademen
neemt. Zoek je eigen ritme. Sluit je mond en laat de kuch subtieler worden
totdat het geeneens meer een kuch is en de keel zich kan blijven ontspannen.
Blijf rustig en gelijkmatig doorgaan!
|
|
Het
is niet de bedoeling dat u buiten adem raakt – wanneer dit toch
gebeurt dan ontspant u de uw bodemspieren in de pelvis niet voldoende
en ontstaat er een spanning doordat u zichzelf ‘omhoog’ houdt.
Neem dan even een stapje terug en doe het iets langzamer zodat u alle
spanning kan loslaten tussen de bewegingen. Wat ook weleens wil helpen
is om jezelf even niet al te serieus te nemen. Het is best gek in het
begin! Probeer ook eens te versnellen. Onthou dat we een heel natuurlijk
en onbewust proces proberen bloot te leggen – de ademhaling. Het
is niet de bedoeling dat je probeert macht te hebben over de ademhaling
of deze te veranderen – die verandering zal juist ontstaan zodra
je werkelijk doorhebt wat er in jezelf gebeurd en het rustig kan waarnemen.
Traditiegetrouw
hoor je deze oefening in 3 maal te herhalen (waarbij iedere keer bestaat
uit een aantal tussen de 5 en 700 ademhalingen). De allerlaatste ademhaling
moet telkens langer en dieper zijn dan de rest, alsof je het laatste beetje
tandpasta uit de tube probeert te knijpen. Probeer je in te denken hoe
voorzichtig in de ruggegraat zou samenknijpen waarbij je onderaan begint
en langzaam naar boven gaat totaan het schedel en verder omhoog. Blijf
nu rustig!!! Wanneer je compleet leeg bent laat dan heel langzaam de spanning
los en laat de nieuwe adem als het ware in je longen vallen – alsof
het een mini vloedgolfje in die je overvalt. Haal nu een aantal maal rustig
adem en geniet van het ‘glimmenende schedel’ gedeelte van
de Kapalabhati voordat je met de volgende ronde begint. Probeer iedere
ronde ongeveer evenveel ademhalingen te doen. Ik ben echter zelf niet
zo’n voorstander van het tellen van de ademhalingen omdat je hierdoor
met het hoofd bezig blijft en niet door kan dringen tot de diepere werking
van deze oefening.
Wat is het
doel van deze oefening?
Een van de redenen om deze oefening te doen is omdat het ons zenuwsysteem
eraan ‘herinnert’ wat de natuurlijke rol van onze buikspieren
is bij het ademhalen – afhankelijk van de lichaamshouding en ademhalingsgewoontes
worden de buikspieren hier haast niet meer voor gebruikt, met alle gevolgen
van dien.
Voor de gevorderden:
Merk je hoe de ruggegraat zich haast als vanzelf wil strekken en je doet
groeien bij het uitademen? Indien je juist het gevoel hebt dat je naar
beneden wordt getrokken bij het uitademen, plaats dan minder druk op de
oppervlakkige buikspieren (rectus abdominus). Ontspan lichaam en geest
meer en meer waardoor je steeds meer vanuit de kern van het lichaam gaat
werken – van binnen naar buiten dus. Je lichaamskern neemt de dragende
functie van de spieren dan over.
marc
woolford
www.yogawithmarc.co.uk |
|
|
|